Image – Beeld – Bild: De Wever, l’apprenti socier raté – de brokkenpiloot – der Pannenpolitiker
Source – Bron – Quelle: AI
LE SEPARATISTE MENACE DE DEMISSION QUATRE FOIS EN DEUX ANS
Le 2 novembre 2026, le Premier ministre De Wever (N-VA) a présenté la démission de son gouvernement au Roi. Ce n’est pas la première fois que le séparatiste se rend auprès du chef de l’Etat. C’est au contraire devenu une habitude particulièrement regrettable, qui, du reste, ne semble susciter aucune réaction dans les médias.
Le chef de file de la N-VA séparatiste a en effet déjà présenté sa démission au Roi à plusieurs reprises. La première fois, ce fut le 22 août 2024, à peine un mois après que le Roi l’eut chargé de former un nouveau gouvernement. La deuxième fois, ce fut le 4 novembre de la même année. Cette fois-là, il avait tenu un peu plus longtemps (quatre mois, précisément).
Mais ce n’était que partie remise. Le gouvernement De Wever a été constitué le 3 février 2025 et, moins d’un an plus tard, le 6 novembre 2025, il s’est à nouveau rendu auprès du Roi. Là encore, il a d’abord menacé de démissionner, notamment parce que le délai qu’il s’était lui-même fixé pour parvenir à un accord budgétaire n’avait pas été respecté. Il n’en est finalement rien sorti. De Wever a toutefois demandé au Roi de lui accorder 50 jours supplémentaires pour parvenir à un accord budgétaire. Cet accord a d’ailleurs été conclu le 24 novembre. Moins d’un an plus tard, le 2 novembre 2026, le Premier ministre a de nouveau présenté sa démission, une fois encore à la suite de l’échec des négociations budgétaires.
Il est quelque peu amusant de constater qu’un parti qui souhaite abolir la monarchie fait constamment appel au Roi pour sauver son propre Premier ministre. Deuxièmement, il est intéressant de remarquer que la crise actuelle – tout comme la précédente – ne porte pas sur une question communautaire, mais bien sur un débat classique entre la gauche et la droite, avec, d’un côté, le MR et, de l’autre, Vooruit. Cela nous amène au troisième point : il est particulièrement ironique que ce soit précisément le MR qui se fasse le porte-parole de ce qui constitue, selon la N-VA, le prétendu nord « de droite » de la Belgique. Quatrièmement, nous ne voyons pas en quoi De Wever aurait le moindre intérêt à ce qu’un bon accord budgétaire soit conclu pour le pays qu’il souhaite détruire.
Par ailleurs, nous constatons que les médias épargnent la personne de ce même De Wever. Si De Croo ou un autre Premier ministre avait agi de la sorte, il aurait sans aucun doute fait l’objet de très vives critiques. En cas de crise gouvernementale, c’est traditionnellement toujours le Premier ministre qui est le premier mis en cause, sauf durant cette législature. La N-VA, qui bénéficie depuis un quart de siècle d’une véritable bienveillance médiatique, a progressivement acquis, dans ces mêmes milieux, un statut d’intouchable.
Pour le B.U.B., un budget ne pourra de toute façon être viable que si l’on commence par supprimer le fédéralisme linguistique, qui est dispendieux, raciste sur le plan linguistique, superflu, source de polarisation, absurde, bureaucratique, illogique et anti-belge. A défaut, toute mesure se réduira, dans le meilleur des cas, à des simples changements cosmétiques.
DE SEPARATIST DREIGT VIER MAAL OP TWEE JAAR MET ZIJN ONTSLAG
Op 2 november 2026 bood premier De Wever (N-VA) het ontslag van de regering aan bij de Koning. Het is niet de eerste keer dat de separatist naar het staatshoofd stapt. Het wordt, integendeel, een bijzonder kwalijke gewoonte, waar overigens niemand in de media aanstoot lijkt aan te nemen.
Het kopstuk van de separatistische N-VA heeft inderdaad al meermaals zijn ontslag aan de Koning aangeboden. De eerste keer was op 22 augustus 2024, amper een maand nadat de Koning hem belastte met de vorming van een nieuwe regering. De tweede keer was op 4 november van hetzelfde jaar. Toen hield hij het wat langer vol (vier maanden met name).
Maar uitstel was geen afstel. De regering-De Wever werd gevormd op 3 februari 2025 en minder dan een jaar later, op 6 november van dat jaar, stapte hij opnieuw naar de Koning. Ook hier dreigde hij aanvankelijk met zijn ontslag, nota bene omdat zijn zelfopgelegde termijn voor een begrotingsakkoord niet gehaald werd. Zover kwam het niet. Wel vroeg hij de Koning om 50 dagen extra tijd om een begrotingsakkoord te bereiken. Op 24 november werd dat akkoord overigens bereikt. Minder dan een jaar later – op 2 november 2026 – bood de premier opnieuw zijn ontslag aan, wederom naar aanleiding van een niet bereikt begrotingsakkoord.
Het is enigszins amusant om te zien dat een partij die de monarchie wil afschaffen voortdurend een beroep doet op de Koning om de eigen premier te redden. Ten tweede is het interessant om op te merken dat de huidige crisis – net als de vorige – niet gaat over een communautaire kwestie, maar wel over een klassiek links-rechts debat, met aan het ene uiterste de MR en de aan de andere kant Vooruit. Dat brengt ons bij het derde punt: het is enorm ironisch dat uitgerekend de MR de spreekbuis is van wat – volgens de N-VA – het zogenaamde “rechtse” noorden van België is. Ten vierde zien we niet in waarom De Wever er enig belang zou bij hebben dat er een goed begrotingsakkoord zou bereikt worden voor het land dat hij wil vernietigen.
Voorts stellen we vast dat de media de persoon van diezelfde De Wever sparen. Als De Croo of een andere premier zo gehandeld had, was hij zonder twijfel zeer zwaar bekritiseerd. Bij een regeringscrisis wordt traditioneel immers altijd eerst naar de premier gekeken, behalve tijdens deze legislatuur. De N-VA, die in de media al een kwarteeuw in staat van genade verkeert, heeft in diezelfde kringen stilaan een statuut van onaantastbaarheid verworven.
Voor de B.U.B. kan een begroting hoe dan ook enkel lukken wanneer eerst het geldverspillende, taalracistische, overbodige, polariserende, absurde, bureaucratische, onlogische en anti-Belgische taalfederalisme afgeschaft wordt. Indien dat niet gebeurt, draait elke maatregel in het beste geval uit op wat gemorrel in de marge.
DER SEPARATIST DROHT IN ZWEI JAHREN VIERMAL MIT DEM RÜCKTRITT
Am 2. November 2026 bot Premierminister De Wever (N-VA) dem König den Rücktritt seiner Regierung an. Es ist nicht das erste Mal, dass sich der Separatist an das Staatsoberhaupt wendet. Im Gegenteil: Daraus entwickelt sich eine besonders bedenkliche Gewohnheit, an der sich übrigens in den Medien offenbar niemand zu stören scheint.
Der führende Kopf der separatistischen N-VA hat dem König tatsächlich bereits mehrmals seinen Rücktritt angeboten. Das erste Mal geschah dies am 22. August 2024, kaum einen Monat nachdem der König ihn mit der Bildung einer neuen Regierung beauftragt hatte. Das zweite Mal war am 4. November desselben Jahres. Damals hielt er etwas länger durch (nämlich vier Monate).
Doch aufgeschoben ist nicht aufgehoben. Die Regierung De Wever wurde am 3. Februar 2025 gebildet, und weniger als ein Jahr später, am 6. November desselben Jahres, wandte er sich erneut an den König. Auch damals drohte er zunächst mit seinem Rücktritt, und zwar ausgerechnet deshalb, weil die von ihm selbst gesetzte Frist für eine Haushaltsvereinbarung nicht eingehalten worden war. So weit kam es letztlich nicht. Allerdings bat er den König um weitere 50 Tage, um eine Haushaltsvereinbarung zu erzielen. Am 24. November kam diese Vereinbarung übrigens zustande. Weniger als ein Jahr später – am 2. November 2026 – bot der Premierminister erneut seinen Rücktritt an, wiederum wegen einer gescheiterten Haushaltsvereinbarung.
Es ist einigermaßen amüsant zu beobachten, dass eine Partei, die die Monarchie abschaffen will, ständig den König bemüht, um den eigenen Premierminister zu retten. Zweitens ist bemerkenswert, dass es in der gegenwärtigen Krise – ebenso wie in der vorherigen – nicht um eine gemeinschaftspolitische Frage geht, sondern um eine klassische Links-Rechts-Auseinandersetzung, bei der auf der einen Seite die MR und auf der anderen Seite Vooruit steht. Damit kommen wir zum dritten Punkt: Es ist äußerst ironisch, dass ausgerechnet die MR als Sprachrohr dessen auftritt, was laut N-VA der angeblich „rechte“ Norden Belgiens sein soll. Viertens sehen wir nicht, welchen Vorteil De Wever davon haben sollte, dass für das Land, das er zerstören will, eine solide Haushaltsvereinbarung zustande kommt.
Darüber hinaus stellen wir fest, dass die Medien dieselbe Person, De Wever, schonen. Hätte De Croo oder ein anderer Premierminister sich so verhalten, wäre er zweifellos heftig kritisiert worden. Bei einer Regierungskrise wird traditionell nämlich immer zuerst der Premierminister zur Verantwortung gezogen – außer während der laufenden Legislaturperiode. Die N-VA, die sich seit einem Vierteljahrhundert in den Medien einer regelrechten Schonzeit erfreut, hat in denselben Kreisen allmählich einen Status der Unantastbarkeit erlangt.
Für die B.U.B. kann ein Haushalt ohnehin nur dann gelingen, wenn zunächst der verschwenderische, sprachlich-rassistische, überflüssige, polarisierende, absurde, bürokratische, unlogische und belgienfeindliche Sprachenföderalismus abgeschafft wird. Geschiedt dies nicht, wird jede Maßnahme bestenfalls auf bloße



